Doel collectieve campagne
Op grote schaal nieuwe klanten aanspreken, het verbeteren van het imago van de branche en in het verlengde daarvan bekendheid geven aan de onderneming: dit zijn opgaven waarvoor de individuele ondernemer in het midden- en kleinbedrijf over het algemeen weinig mogelijkheden heeft. Het is immers een zaak van lange adem. Als de keuze valt op massacommunicatie zoals televisie, radio en publieksbladen zijn de kosten zó hoog, dat dit alleen is te realiseren door een gezamenlijke aanpak, waarbij de héle branche wordt betrokken.
Daar ligt de kracht van een collectieve promotiecampagne, of vakdagen die ook voor het publiek opengesteld zijn. Dergelijke activiteiten kunnen - op verzoek van een branche - gefinancierd worden vanuit het HBA.
Toegevoegde waarde
Door in te haken op een collectieve promotiecampagne hebben de individuele ondernemingen mogelijkheden een groter deel van de lokale consumentenbestedingen naar zich toe te trekken. Actief inspelen op de campagne door gebruik te maken van de beschikbaar gestelde communicatiemiddelen kan op ondernemingsniveau tot verrassende resultaten leiden.
Aanpak
Om een goede campagne op te zetten is een zorgvuldige voorbereiding nodig. Dit gebeurt in nauwe samenwerking met de betrokken brancheorganisatie(s). Uitgangspunt is meestal een consumentenonderzoek en een onderzoek onder de aanbieders, de brancheondernemers. Deze geven inzicht in hoe een product of dienst door de consument wordt gewaardeerd en op welke punten door communicatie en promotie vergrote afzetkansen te bereiken zijn. Ook geven de onderzoeken zicht op hoe de bedrijven zelf tegen hun klanten aankijken en of daarin aanpassing nodig is. Aan de hand van de resultaten wordt met deskundigen een strategie ontwikkeld. Evaluatieonderzoeken geven zicht op de effecten van de campagnes; zo nodig vindt tussentijds aanpassing plaats.
Nieuwsbrieven en artikelen in de vakbladen zorgen ervoor dat ondernemers in de branche op de hoogte worden gehouden van de campagneactiviteiten.
Promotiecampagnes worden per branche in nauwe samenwerking met de brancheorganisatie(s) ontwikkeld en per branche gefinancierd. Dit gebeurt meestal via een bestemmingsheffing die aan alle bedrijven in de betrokken branche wordt opgelegd.